- Download hier het rapport
- Download the English version
Kinderen spelen op internet het liefst kleine spelletjes (casual games), maar de meeste spelletjessites zijn voor kinderen niet geschikt. Ze bevatten spelletjes die zeer gewelddadig zijn en schadelijk kunnen zijn voor jonge kinderen. Een op de acht kinderen heeft wel eens een online spelletje gespeeld dat zij eng vonden of waar ze van schrokken. Dat blijkt uit ons nieuwe onderzoek (gepresenteerd op 28 januari 2008).
Mijn Kind Online pleit niet voor een verbod, maar we vinden wel dat spelletjesportals een
leeftijdsclassificatie moeten invoeren. En wel via PEGI Online, het classificatiesysteem voor online spelletjes. PEGI Online wordt op dit moment aangepast voor casual games. Het is een aanvulling op PEGI voor zelfstandige games (zie
www.pegi.info).
Ook ouders moeten hun verantwoordelijkheid nemen, vindt Mijn Kind Online. Ouders doen er goed aan met kinderen te praten over hun ervaringen op spelletjeswebsites en te voorkomen dat ze spelletjes spelen met grof geweld.
Het afgelopen half jaar hebben we onderzoek gedaan (kwantitatief en kwalitatief) onder 480 kinderen tussen 8 en 12 jaar en groepsinterviews gehouden met kinderen van 6 en 7 jaar. Daaruit blijkt dat alle 8- tot 12 jarigen op internet spelletjes spelen. Zo’n 60%procent van de 6- en 7-jarigen speelt die spelletjes ook al. Een groot aantal spelletjessites zijn daarnaast kritisch onder de loep genomen, waarbij de gewelddadige spelletjes aan het classifcatiesysteem van PEGI zijn onderworpen.
Conclusie: op alle bij kinderen populaire spelletjessites staan games die een PEGI-classificatie van 16+ krijgen, zonder dat sites dat vermelden.Dat geldt ook voor de site Spele.nl, de populairste site bij kinderen in Nederland. Bijna 80% van de kinderen tussen 8 en 12 jaar gamet hier. Daarnaast bezoeken kinderen tientallen andere grote en kleinere spelletjeswebsites, zoals Speeleiland.nl, Spelle.nl, Spel.nl en Elkspel.nl.
In ‘Next Level – dossier over online spelletjes voor kinderen’ doen we aanbevelingen om spelletjessites kindvriendelijker te maken en geven we ouders tips om met hun kinderen over games te praten. En dat is nodig, want spelletjeswebsites houden veel te weinig rekening met de groep jonge bezoekers, aldus Remco Pijpers, een van de onderzoekers en directeur van stichting Mijn Kind Online.
Privacybeleid
Stichting Mijn Kind Online constateert dat de meeste spelletjesportals hun sites niet op orde hebben. Behalve dat niet alle spelletjes geschikt zijn voor een jonge doelgroep, hebben de sites meestal geen privacybeleid. Bovendien is het moeilijk in contact te komen met makers. Ouders die klachten hebben, krijgen daardoor niet eenvoudig antwoord.
De meeste spelletjessites beweren dat ze niet alleen voor kinderen zijn. Ze trekken bijvoorbeeld ook veel vrouwen tussen 20 en 40 jaar. Maar ze adverteren wel veelvuldig voor kinderen, zo blijkt. Op veel sites zijn reclames voor Lego en Disney te vinden. Spelletjesportals verdienen geld elke keer dat een advertentie getoond wordt voorafgaand aan het laden van een spelletje. Hoe meer spelletjes gespeeld worden en hoe groter je publiek, hoe groter dus de inkomsten. Ze verdienen tienduizenden Euro’s per week.
Hoe realistischer hoe enger
Kinderen beschrijven games waarin ze moeten schieten en vechten, waarin enorme hoeveelheden bloed te zien zijn, waarbij je poezen moet doodschieten of honden uitlaten die vervolgens onder een auto verongelukken.
Jongen, 12 jaar: “Eng is, als je veel bloed ziet en je hoofd eraf gaat en je organen ziet en je een heel realistisch geluid hoort.”
Jongen, 10 jaar: “Je moest iemand bevrijden en er was overal bloed en lijken en messen met bloed enzo. En op het laatst kwam er een enge man die je liet schrikken in een tuinhuisje”.
Meisje, 9 jaar: “Ik heb een spelletje gespeeld waarin je iemand zijn vingers moest afhakken”.
Het realisme in beeld en geluid draagt bij aan het angstige gevoel. Vooral gedetailleerde beelden en harde geluiden worden als vervelend ervaren. Daarnaast geven kinderen duidelijk aan dat het zelf schade moeten toebrengen een vervelende ervaring is, net als het plotseling zien van een onverwacht eng beeld (zoals in de zogenaamde schrikspelletjes, die niet als zodanig herkenbaar zijn).
Jongens en meisjes
Uit het onderzoek blijkt verder dat meisjes het liefst aankleedspelletjes spelen. Van alle meisjes geeft 68 % aan deze games te spelen, tegenover 5 % van alle jongens. Bij de jongens is het spelen van racespelletjes favoriet (71% tegenover 29 % meisjes). Actiespelletjes worden gespeeld door 66% van de jongens en 31,% van de meisjes. Vechtspelletjes blijken niet interessant te zijn voor de meiden; slechts 4 % geeft aan dit soort games te spelen. Onder de jongens is dat 45 %. De populariteit stijgt net als bij de actiegames en schietspelletjes met het ouder worden, van gemiddeld 20 % van de 8-en 9-jarige jongens en meisjes tot 28% van de 12-jarigen.
Tips en adviezen voor ouders
Het spelletjesdossier van Mijn Kind Online is verschenen onder de titel ´Next Level´. Het rapport bevat ook tips en adviezen voor ouders. Zo worden spelletjes genoemd die de moeite waard zijn, en krijgen ouders tips over hoe je een kind kunt helpen bij het kiezen van games die wel geschikt zijn.
Het rapport (PDF) is te downloaden via de link onder dit artikel.
Justine Pardoen